![]()
|
Eerste acte
De vertelster vertelt de kinderen een verhaal over dromen. Ze vertelt het verhaal van Jozef, een dromer
(PROLOOG-HET BEGIN / LAAT JE DROOM BESTAAN)
|
| Ze vertelt over Jacob die twaalf zonen heeft.
Hij heeft echter een favoriete zoon die hij erg verwent. Dat is Jozef,
de zoon van zijn favoriete vrouw. Dit tot grote ergernis van de andere
elf broers. Als Jacob een dure designer jas voor Jozef heeft gekocht
lijkt de jaloezie een hoogtepunt te bereiken.
(JACOB EN ZOONS / JOZEFS JAS)
| |
| Jozef maakt de
toestand nog erger door te vertellen over zijn dromen die erop zouden
wijzen dat hij voorbestemd is om eens over hen te heersen.
(JOZEFS DROMEN)
| |
| De broers besluiten
actie te ondernemen om van Jozef af te komen en te voorkomen dat zijn
dromen uit komen. Ze gooien hem in een put om te sterven, maar
veranderen van gedachten als een groep ishmaelieten langskomt. Ze
verkopen hem als slaaf die hem meenemen naar Egypte.
(ARME JOZEF)
| |
| Terug thuis vertellen
de broers en hun vrouwen Jacob het nieuws dat Jozef om het leven is
gekomen. Ze laten hem de bebloedde (echt geitenboed) en verscheurde jas
zien als bewijs van zijn dood. Als Jacob gebroken is weggelopen barst
onder de broers en hun vrouwen het feest los.
(HIJ IS NOU HOOG IN DE HEMEL)
| |
| Ondertussen is Jozef
in Egypte de slaaf geworden van de miljonair Potifar. Hij maakt snel
carriere en runt de huishouding van de vastgoedmiljonair. Mevrouw
Potifar heeft haar oog op de jongeman laten vallen en probeert hem te
verleiden. Jozef probeert haar te weerstaan. Potifar hoort de geluiden
uit de slaapkamer, stormt naar binnen en trekt zijn conclusies. Hij
gooit Jozef in de cel
(POTIFAR)
| |
| Een treurige Jozef zit
eenzaam in zijn cel.
(SLUIT ALLE DEUREN MAAR)
Na ene tijdje eenzame opsluiting krijgt hij twee medegevangen, een butler en een bakker. Beide zijn in dienst van de Farao en hebben last van rare dromen. Jozef stelt voor om ze te interpreteren. Voor de butler voorspelt hij dat het goed zal aflopen, voor de bakker ziet het er minder positief uit. Als snel blijkt de interpretatie van Jozef te kloppen.
(KOM OP NOU JOZEF)
| |
| Tweede acte
De Farao blijkt al een tijdje last te hebben van vreemde dromen en niemand kan ze interpreteren.
('T WAS IN EGYPTE)
De Butler die na zijn gevangenschap weer in dienst is bij de Farao vertelt over de interpretatiekunsten van Jozef.
(ARME FARAO)
| |
| De Farao laat Jozef
uit zijn cel halen en vertelt hem zijn dromen. Een droom gaat over zeven
vette koeien die worden opgegeten door zeven magere koeien. De tweede
droom gaat over zeven volle schoven koren die worden verschalkt door
zeven magere schoven.
(HET LIED VAN DE KONING)
| |
| Volgens Jozef
betekenen de dromen dat er zevem jaren van overvloed op komst zijn met
goede oogsten. Deze jaren worden echter gevolgd door zeven magere jaren
met honger als gevolg van slechte oogsten.
(FARAO'S DROOM UITGELEGD)
| |
| De Farao is onder de
indruk van Jozefs capaciteiten en geeft hem de leiding over de
uitvoering van de maatregelen om de zeven magere jaren goed te kunnen
doorstaan. Jozef wordt na de Farao de machtigste man van Egypte.
(KRIJG NEFERTIETEN! /STAPEL OP MIJ / KRIJG NEFERTIETEN! - REPRISE)
| |
| In Kanaan heeft de
hongersnood Jacob en zijn overgebleven zonen en hun vrouwen uitgeput. Ze
denken terug aan de tijd dat alles nog goed was. De broers hebben spijt
van hun bedrog.
(DIE MOOIE TIJD IN KANAäN)
| |
| Ze horen dat in Egypte
voldoende te eten is en besluiten daar te gaan bedelen voor voedsel. Ze
hebben geen idee dat ze daar Jozef weer zullen tegenkomen. Als ze in
Egypte aankomen herkennen ze Jozef niet en smeken om voedsel. Jozef
heeft zijn broers wel herkent.Hij geeft ze zakken met voedsel mee, maar
doet stiekem zijn gouden beker in de tas van Benjamin.
(DE BROERS KOMEN NAAR EGYPTE / GLIBBER GLIBBER)
| |
| Als de broers op het
punt staan doet Jozef alsof hij merkt dat zijn gouden beker gestolen is.
Hij beschuldigt de elf broers en laat ze allemaal hun tas leeghalen. De
beker komt tevoorschijn uit de tas van Benjamin. Jozef stelt Benjamin in
staat van beschuldiging en wil hem in de cel gooien.
(WIE IS DE DIEF?)
| |
| De andere broers
kunnen niet geloven dat Benjamin iets zou stelen en vragen clementie
voor Benjamin. Ze vragen Jozef hen in de cel te gooien in plaats van
Benjamin.
(BENJAMIN CALYPSO)
| |
|
Bij de aanblik van hun onbaatzuchtige gedrag en boetedoening maakt Jozef
zich bekend.
(NOU JA, 'T IS JOZEF!)
| |
| Jozef laat zijn vader
naar Egypte komen voor een emotionele hereniging.
(JAKOB IN EGYPTE / LAAT JE DROOM BESTAAN-REPRISE)
|