VERHAAL
|
Eerste Acte
| |
| 1890, New York City Dolly Levi, een bekende koppelaarster en weduwe, probeert de trein naar Donkers te halen om een van haar klanten, Horace Vandergelder te bezoeken. Horace Vandergelder is een succesvol ondernemer, en heeft een grootgrutterij.
(VRAAG NAAR DOLLY)
Op weg naar de trein komt ze Ambrose Kemper tegen. Hij is een kunstenaar die verliefd is op Ermengarde, het nichtje van Horace. Horace vindt een kunstenaar echter geen goede partij voor zijn nichtje. Als ze samen wachten op de trein vertelt Dolly hem wat zo leuk is aan haar vak en ze belooft hem dat Horace toestemming zal geven voor hun huwelijk.
(RITSELEN)
Als de trein komt en Ambrose al instapt richt Dolly zich tot haar overleden echtgenoot Ephraim. Ze vertelt hem dat ze met Horace wil trouwen en het eenzame leven dat ze leidt sinds ze weduwe is achter zich wil laten.
|
| In de winkel heeft Horace heel wat te stellen met zijn huilende nichtje die verdrietig is omdat haar oom haar niet met haar grote liefde wil laten trouwen.
Horace staat op het punt om naar New York te vertrekken. Hij zal daar meelopen in de Fourteenth Street Parade en wil Irene Malloy het hof maken. Zij heeft een hoedenwinkel in New York. Hij heeft Dolly gevraagd om te komen om dat hij wil dat zij Ermengarde meeneemt naar New York om haar Ambrose te doen vergeten.
|
Hij laat zijn twee winkelbedienden, Cornelius Hackl en Barnaby Tucker achter om op de winkel te passen en vertelt hen dat hij hoopt dat Irene met hem wil trouwen.
(HET VROUW'LIJK WEZEN)
Als Dolly bij haar aankomst in de winkel hoort van de plannen van Horace probeert ze hem op andere gedachten te brengen. Ze stelt hem voor dat ze een ontmoeting regelt met een van haar klanten, Ernistina Money een rijke weduwe. Horace zegt dat hij de rijke weduwe wel wil ontmoeten als Irene niet met hem wil trouwen.
| |
| Vervolgens gaat Dolly naar Ermengarde en Ambrose. Ze vertelt hen dat als de geldprijs in de Harmonia Gradens Polka wedstrijd winnen ze aan Horace kunnen bewijzen dat ze rijk genoeg zijn om samen te leven. Ze vraagt hen om de hoofdkelner van de Harmonia Gardens te laten weten dat zij die avond terug zal komen en dat hij een kipdiner voor twee moet reserveren.
Als laatste gaat ze langs bij Cornelius en Barnaby. Ze vertelt hen dat ze een een ontmoeting voor hen kan regelen met Irene Malloy en haar assistent Minnie Fay. Blij dat ze eindelijk een keer naar de grote stad kunnen sluiten de twee bedienden de winkel en gaan samen met Dolly, Ermengarde en Ambrose met de trein naar New York.
(IN JE GOEIE GOED)
|
| Ondertussen in de hoedenwinkel wacht Irene Mally ongeduldig op de komst van Horace. De nieuwsgierige Minnie vraagt haar waarom ze met Horace wil trouwen. Irene zegt dat ze niet echt van Horace houdt, maar dat ze na de dood van haar eerste man wil hertrouwen zodat ze de hoedenbusiness kan verlaten.
(LINTEN AAN MIJN HOED)
Terwijl Irene droomt over haar perfecte partner en hoe ze hem zou verleiden waarschuwt Minnie haar dat twee mannen de winkel binnenkomen (Barnaby en Cornelius). Om indruk te maken op Irene doet Cornelius of hij een atleet uit Yonkers is die op zoek is naar een hoed voor een vriendin. Als hij erachter komt dat Irene Horace kent en dat hij ieder moment de hoedenwinkel binnen kan lopen raken hij en Barnaby in paniek en verstoppen zich.
|
Ondertussen is Horace in de winkel aangekomen. Terwijl hij haar het hof maakt probeert Irene de jongens te verbergen. Als ze per ongeluk laat ontglippen dat ze een Cornelius Hackl had gesproken wordt Horace woedend en eist een verklaring. Precies op dat moment komt Dolly de winkel binnen. Ze legt uit dat Cornelius er een geheim nachtleven op na houdt als aan van hooggeplaatste Hackls. Als Minnie weer terugkomt en per ongeluk verraadt dat twee mannen zich in de winkel verstopt hebben staat Horace op het punt om de 'gasten' van Irene te ontmaskeren. Dolly beschuldigt Horace van on-Amerikaans gedrag en bespreekt hem bestraffend toe terwijl Irene een betere schuilplaats voor Cornelius en Barnaby probeert te vinden. Horace is het zat en verlaat de hoedenwinkel om naar de Fourteenth Street Association Parade te gaan.
(MARCEHEER)
| |
| Irene staat op het punt om de politie te bellen om de jongens op te laten pakken, maar Dolly staat erop dat de juiste manier om deze problemen op te lossen is een goed gesprek tijden een diner. Irene en Minnie eisen dat de jongens hen meenemen naar de Harmonia Gardens. De jongens hebben echter geen geld en proberen onder het etentje uit te komen. Ze laten Dolly weten dat een etentje ook inhoudt dat ze moeten dansen en dat kunnen ze dat niet. Dolly laat zich echter niet uit het veld slaan en leert de jongens ter plekke dansen. Samen met Irene en Minnie verlaten de jongens dansend de winkel.
(DANSEN)
|
Later op de dag komt Dolly Mrs. Rose tegen, een vroegere kennis. Dolly realiseert zich dat ze te lang heeft gerouwd om de dood van haar echtgenoot terwijl ze van het leven had moeten genieten. Ze richt zich weer tot Ephraim over haar plan om met Horace te trouwen. Ze belooft hem dat ze vanaf nu zal genieten van iedere minuut.
Ze mengt zich in het publiek bij de Fourteenth Street Association Parade en ziet Horace. Horace stemt in met een etentje in Harmonia Gardens met Ernestina Money, de rijke weduwe, maar ontslaat Dolly als zijn koppelaarster. Desondanks lacht ze en zegt tegen Ephraim dat hij zo goed als van haar is.
(VOORDAT DE PARADE PASSEERT)
| |
| Tweede Acte
|
| Cornelius en Barnaby zijn met de dames op weg naar Harmonia Gardens. Om geld te besparen willen ze niet met een taxi of limousine gaan. Ze overtuigen Irene en Minnie dat wandelen meer elegant is dan een limousine.
(KOUWE KAK)
|
In haar boudoir maakt Dolly zich gereed voor de avond.
(HOUDEN VAN)
Rudolph, de hoofdkelner van de Harmonia Garden, is in afwachting van de komst van Dolly en vertelt zijn obers vandaag op hun best te presteren. De obers maken snel alle tafels gereed.
(DE OBER GALOP)
Terwijl de klanten van hun eten genieten maken Cornelius en Barnaby zich zorgen over hoe ze gaan betalen voor het extravagante diner dat Irene en Minnie bestellen.
| |
Aan de andere kant van het restaurant zitten Horace en Ernestina te eten. Horace wordt overvallen door plaatsvervangende schaamte door het afschuwelijk gedrag van Ernistina. Ondertussen wordt Dolly ontvangen door de enthousiaste obers. Ze zijn blij zijn hun favoriete klant voor het eerste na de dood van haar man weer te zien.
(HALLO DOLLY)
Horace gaat bij haar aan tafel zitten om haar te laten weten hoe verschrikkelijk zijn avond met de rijke weduwe was.
| |
| Ergens gedurende de avond raken de portemonnees van Horace en Barnaby verwisseld. Cornelius en Barnaby hebben nu genoeg geld om het diner te betalen. Horace daarentegen trekt wit weg als hij merkt dat hij niet genoeg geld heeft om het diner met Dolly te betalen.
Ondertussen is de polka wedstrijd gestart met Ambrose en Ermengard als deelnemers. Dolly wordt gevraagd om in de jury plaats te nemen.
(POLKA)
Horace ziet Ermengarde, Ambrose, Cornelius en Barnaby in het restaurant. Ze proberen te ontsnappen met tot gevolg dat de chaos uitbreekt in het restaurant.
|
| De politie heeft alle klanten en het personeel opgepakt en ze naar de rechtbank gebracht. Dolly treedt op als hun advocaat en schuift de schuld in de schoenen van Horace. Cornelius vertelt dat hij nooit zo 'n chaos heeft willen veroorzaken, maar dat er iets moois is gebeurd en dat hij dat zijn hele leven zal koesteren. Hij is verliefd geworden op Irene Malloy.
(HET DUURT MAAR EEN SECONDE)
|
De rechter is zo geroerd dat hij iedereen onschuldig verklaart, behalve Horace. Een woedende Horace laat Dolly weten dat hij heel de tijd heeft geweten dat deze dag een grote samenzwering was zodat hij haar ten huwelijk zou vragen, maar dat hij dat nooit zal doen. Dolly zegt hem dat hij er naast zit en dat ze uit zijn leven zal verdwijnen, net als zijn nichtje en zijn winkelbedienden.
(ZWAAI MAAR MET JE HANDJE / HET VROUW'LIJK WEZEN)
| |
De volgende dag krijgt Horace slecht nieuws. Cornelius en Barnaby willen een winkel openen tegenover zijn winkel. Ze eisen hun achterstallig loon op. Ook Ermengarde wil haar geld zodat ze met Ambrose kan trouwen. Als ze naar de kluis lopen zoekt Dolly weer contact met Ephraim. Ze vertelt hem dat ze wacht op een teken van hem dat hij het goed vindt dat ze met Horace trouwt. Het teken komt als Horace zijn verontschuldigingen aanbiedt en Dolly ten huwelijk vraagt. Ze spreken af dat Cornelius en Barnaby partners worden in de zaak en dat Ermengard en Ambrose samen mogen trouwen. Dolly wordt gelukkig van de gedachte aan haar nieuwe leven en de trouwerij.
(HALLO DOLLY) |