ACHTERGRONDEN

Op 11 maart 1924 schoot de gescheiden cabaretzangers Belva Gaertner haar minnaar Walter Law neer. Belva werd in haar appartement gearresteerd waar de met bloed doordrenkte kleren nog op de vloer lagen. Belva bekende dronken te zijn geweest, maar zei dat ze zich niet meer kon herinneren wat er was gebeurd. Belva werd verdedigd door de advocaat William Scott Stewart.

Op 3 april 1924 schoot de getrouwde Beaulah Annan in de echtelijke slaapkamer Harry Kalstedt in de rug. Terwijl ze toekeek hoe hij dood ging dronk ze cocktails en luisterde naar een populaire foxtrotmelodie. Daarna belde ze haar man om te zeggen dat ze een man had vermoord die met haar naar bed wilde. Beaulah's verhaal kende meerdere versies. Eerst beweerde ze dat de Harry uit zelfverdediging had doodgeschoten omdat ze bang was dat hij haar zou verkrachten. Later gaf ze toe dat ze hem in de rug had geschoten nadat hij haar had verteld dat hij haar ging verlaten. De laatste en meest sensationele versie bewaarde ze voor de rechtszaal. Ze had Harry verteld dat ze zwanger was. Tijdens een gevecht dat daarna ontstond grepen ze beide naar het pistool. Beaulah's man, Albert Annan , bleef haar bijstaan en spendeerde al zijn spaargeld aan de verdediging van zijn vrouw. Beaulah werd verdedigd door William W. O'Brien. Na haar vrijMaurine Dallas Watkinsspraak meldde ze aan de pers dat ze haar man had verlaten. 

 

De jonge journaliste Maurine Dallas Watkins schreef artikelen over deze moordzaken voor de Chicago Tribune. Er zaten op dat moment zes vrouwen in een dodencel in Chicago. De overige vrouwen pasten niet in het beeld van de mooie moordenaressen. Watkins legde in haar verhalen de nadruk op sentimentele en spectaculaire aspecten van de twee zaken. Ze had een smeuïge schrijfstijl. Ze sprak van twee 'jazz' babes, gecorrumpeerd door mannen en drank. Ze omschreef Beulah Annan als de mooiste vrouw van het celblok, en Belva Gaertner als de meest stijlvolle moordenares. Beide vrouwen werden vrijgesproken en hun roem vervaagde snel toen andere spectaculaire moorden de voorpagina's in de media over namen.

 

Watkins verliet de journalistiek kort daarna en ging zich toeleggen op het schrijven van toneelstukken. Tijdens haar opleiding aan Yale University schreef ze een fictief stuk over de twee moordenaressen waarover ze als journaliste had geschreven. Beaulah werd Roxie, Belva werd Velma, Albert Annen werd Amos Hart en de advocaten William Scott Stewart en William W. O'Brien werden samengesmolten in de persoon van Billy Flinn. In 1926 werd het toneelstuk 172 keer opgevoerd op Broadway. In 1927 werd een stomme film gemaakt van het toneelstuk door Cecille B. DeMille. In 1942 bewerkte William Wellman het verhaal tot een gesproken film. Ginger Rogers speelde het danseresje Roxie Hart en advocaat Billy Flynn werd gespeeld door Phil Silvers.  

 

affiche orginele Broadwayproductie

Gwen Verdon las het toneelstuk en vroeg haar ex-man Bob Fosse of het mogelijk zou zijn om een op dit toneelstuk gebaseerde musical te maken. Fosse probeerde toestemming te krijgen van Watkins maar had geen succes. Pas na haar overlijden in 1969 kreeg hij de rechten in handen. Dit leidde tot de ontwikkeling van Chicago, een variété musical. De show was, net als bijvoorbeeld Cabaret, een conceptmusical. Het verhaal werd vertelt door middel van een reeks variétéacts (Fosse was de zoon van variétéartiesten). Fosse verzorgde de choreografie. De muziek en de teksten werden geschreven door John Kander and Fred Ebb . Een week voor de première kreeg Fosse een hartaanval en moest een bypassoperatie ondergaan. De eerste productie van Chicago ging op 3 juni 1975 in het 46th Street Theatre op Broadway in première met in de hoofdrollen Gwen Verdon (Roxie Hart), Chita Rivera (Velma Kelly) en Jerry Orbach (Billy Flynn). Liza Minelli nam gedurende een maand de rol van Gwen Verdon over. Na het vertrek van Gwen Verdon werd haar rol overgenomen door de vriendin van Fosse, Ann Reinking. De musical werd echter overschaduwd door het succes van A Chorus Line dat in dezelfde periode in première ging. Na twee jaar viel het doek voor Chicago.

 

In het najaar van 1995 maakte City Center ENCORES! bekend dat Chicago was opgenomen in de lenteprogrammering. Niet iedereen was hier blij mee want tot dan toe had ENCORES! alleen concert versies geproduceerd van oude musicals uit de jaren 30, 40 en 50. Shows die anders waren vergeten of die niet in aanmerking kwamen voor een complete revival. Maar op 2 mei 1996 was het dan zover. Chicago speelde de eerste van vier voorstelling voor een stampvolle zaal die na afloop razend enthousiast was. In cast Ann Reinking (die tevens voor een choreografie in de stijl van Bob Fosse had gezorgd) Bebe Neuwirth, James Naughton, Joel Grey, Marcia Lewis en D. Sabella. De regie was in handen van de artistiek directeur van ENCORES! Walter Bobbie en Musical Director Rob Fisher.

 

De show was zo direct en energiek dat publiek en critici al in de pauze spraken over een verhuizing van de productie naar Broadway. Echter een concertversiscene foto broadwayproductie 1996e of een complete musicalversie zijn twee heel verschillende dingen. Barry en Fran Weissler, succesvolle producenten van shows als Othello en de zeer succesvolle revival van Grease! wonnen de strijd om de Broadway rechten voor Chicago. Zij zagen zich voor de uitdaging gesteld om het beeld van de fantastische concertervaring om te buigen naar een unieke en sterke musicalproductie.  

 

De show zelf had alles in zich wat het Broadway publiek zich maar kon wensen, maar hoe laat je het publiek weten dat dit niet zo maar een revival is. ....Marketing!. Op 23 juni 1996 verscheen een grote advertentie in de New York Times. Chicago was niet zo maar een omzetting van een concert naar een musical. Nee het concert was slechts de inspiratie, Chicago zou een nieuwe productie worden, verrassend en uitdagend door sensationeel vakmanschap. In de maanden die volgden werden de advertenties scherper en uitdagender dan de gemiddelde Broadway bezoeker gewend was. Op 29 oktober 1996 begonnen de try-outs in het Richard Rodgers Theatre. De concertversie was succesvol vertaald naar een grootse musicalproductie. De show was scherp, donker en duizelingwekkend. Niet het decor, maar de energie, de personalities en de nummers bepaalden de sfeer van de show. Chicago voldeed aan de hooggespannen verwachtingen die door de advertentiecampagne waren opgewekt.

De première was op 14 november 1996. De show was deze keer een groot succes.

 

Na de Broadway-revival volgde West End waar de musical op 18 november 1997 in première ging. De origingele cast bestond uit  Ute Lemper (Velma), Ruthie Henshall (Roxie Hart), Nigel Planer (Amos Hart) en Henry Goodman (Billy Flynn). Na negen jaar in het Adelphi Theatre verhuisde de show in april 2006 naar het Cambridge Theatre.

 

Voor de productie in Nederland was een theater nodig waar de productie vast kon staan. Gekozen werd voor het centraal gelegen Beatrix theater in Utrecht. Het theater werd hiervoor verbouwd en de capaciteit van de zaal werd uitgebreid tot 1.150 plaatsen. In november 1998 werd de cast bekend gemaakt met in de hoofdrollen Simone Kleinsma (Roxie Hart), Pia Douwes (Velma Kelly) en Stanley Burleson (Billy Flynn). Op 15 maart 1999 begonnen de repetities en op 9 mei 1999 was de Nederlandse première in het Beatrix Theater in Utrecht. Eind augustus 1999 verlieten Pia Douwes en Stanley Burleson de show om zich voor te bereiden op de productie van Elisabeth. Ze werden vervangen door respectievelijk Sophia Wezer en Tony Neef. De laatste voorstelling was op 28 januari 2001.

 

filmposter Chicago

In 2002 werd de musical tot een Hollywood filmversie bewerkt. De hoofdrollen werden vertolkt door Renee Zellweger (Roxie Hart) en Catherine Zeta-Jones (Velma Kelly). Voor de verfilming werden wel enige concessies gedaan aan de stage musical. Een aantal nummers uit de musical sneuvelden en de rol van Mary Sunshine werd niet door een man, maar door een vrouw gespeeld. De film won een Oscar voor beste film en beste vrouwelijke bijrol (Catherine Zeta-Jones).

 

In 2009 volgde een revival in Nederland door Mark Vijn Theaterproducties. Dit maal een tourproductie met in de hoofdrollen Mariska van Kolck (Roxie) en Joke de Kruijff (Velma). Peter Lusse speelde de rol van Amos en Thom Hofman speelde Billy Flynn.

 
Prijzen      
Award Jaar Categorie Genomineerd/Winnaar
Tony Award 1976 musical genomineerd
Tony Award 1976 script (Fred Ebb, Bob Fosse) genomineerd
Tony Award 1976 score (John Kander / Fred Ebb) genomineerd
Tony Award 1976 mannelijke hoofdrol (Jerry Orbach) genomineerd
Tony Award 1976 vrouwelijke hoofdrol (Chita Rivera) genomineerd
Tony Award 1976 vrouwelijke hoofdrol (Gwen Verdon) genomineerd
Tony Award 1976 decorontwerp (Tony Walton) genomineerd
Tony Award 1976 kostuumontwerp (Patricia Zipprodt) genomineerd
Tony Award 1976 lichtontwerp (Jules Fisher) genomineerd
Tony Award 1976 choreografie (Bob Fosse) genomineerd
Tony Award 1976 regie (Bob Fosse) genomineerd
Drama Desk Award 1976 mannelijke hoofdrol (Jerry Orbach) genomineerd
Drama Desk Award 1976 lichtontwerp (Jules Fisher) winnaar
Tony Award 1997 revival musical winnaar
Tony Award 1997 mannelijke hoofdrol (James Naughton) winnaar
Tony Award 1997 vrouwelijke hoofdrol (Bebe Neuwirth ) winnaar
Tony Award 1997 vrouwelijke bijrol (Marcia Lewis) genomineerd
Tony Award 1997 kostuumontwerp (William Ivey Long) genomineerd
Tony Award 1997 lichtontwerp (Ken Billington) winnaar
Tony Award 1997 choreografie (Ann Reinking) winnares
Tony Award 1997 regie (Walter Bobbie) winnaar
Drama Desk Award 1997 revival musical winnaar
Drama Desk Award 1997 mannelijke hoofdrol (James Naughton) genomineerd
Drama Desk Award 1997 vrouwelijke hoofdrol (Bebe Neuwirth) winnaar
Drama Desk Award 1997 mannelijke bijrol (Joel Grey) winnaar
Drama Desk Award 1997 vrouwelijke bijrol (Marcia Lewis) genomineerd
Drama Desk Award 1997 choreografie (Ann Reinking) winnares
Drama Desk Award 1997 regie (Walter Bobbie) winnaar
Drama Desk Award 1997 lichtontwerp (Ken Billington) winnaar
Drama League Award 1997 revival musical/play winnaar
New York Critics Circle Award 1997 musical winnaar
Laurence Olivier Award 1998 musical winnaar
Laurence Olivier Award 1998 mannelijke hoofdrol (Henry Goodman) genomineerd
Laurence Olivier Award 1998 vrouwelijke hoofdrol (Ute Lemper) winnares
Laurence Olivier Award 1998 vrouwelijke hoofdrol (Ruthie Henshall) genomineerd
Laurence Olivier Award 1998 regie (Walter Bobbie) genomineerd
Laurence Olivier Award 1998 choreografie (Ann Reinking) genomineerd
Laurence Olivier Award 1998 kostuumontwerp (William Ivey Long) genomineerd
Theatre World Award 1999 Ute Lemper winnaar
John Kraaykamp Musical Award 2000 vrouwelijk aanstormend talent (Sophia Wezer) winnares
John Kraaykamp Musical Award 2000 mannelijk aanstromend talent (Daan Wijnands) winnaar
John Kraaykamp Musical Award 2010 vrouwelijke hoofdrol (Mariska van Kolck) genomineerd
John Kraaykamp Musical Award 2010 mannelijke bijrol (Peter Lusse) genomineerd
John Kraaykamp Musical Award 2010 script (Fred Ebb / Bob Fosse) genomineerd
John Kraaykamp Musical Award 2010 liedteksten (Fred Ebb) genomineerd

 

CD en DVD    
Castalbums    
Originele Broadway cast1CDEngels1975
Originele Australische cast1CDEngels1981
Revival Broadway cast1CDEngels1996
Revival Londense cast1CDEngels1998
Originele Nederlandse cast2CDNederlands1999
Originele Russische cast

(filmscore gezongen door Russische cast)

1CD??2002
Film    
Originele filmsoundtrack1CDEngels2002
Originele filmsoundtrack1SACDEngels2002
FilmDVDEngels2002
Special Editions    
Originele filmsoundtrack, special edition incl. making off dvdCD/DVDEngels2002
10th anniversary edition2CD/DVDEngels2006
Overigen    
Studio cast, Jazzbewerking

The Brad Ellia Little Big Band

1CDInstrumentaal1997
 

Studio cast, Jazzbewerking

The Steve Goodman Trio

 

1CDInstrumentaal1998
Studio cast, London Theater Orchestra & Cast1CDEngels2002
Studio cast, London West End Singers1CDEngels2003
Studio cast, The Stage Door Orchestra Preformers1CDEngels 
Karaoke2CDEngels